Badmintonvereniging Dorus Rijkers
De grondlegging gaat terug naar de speeltuinvereniging Oud Den Helder. De
initiatiefnemer om wat te gaan badmintonnen was de heer G. Woestenburg en weldra
was de animo zo groot dat besloten werd om een officiele vereniging te beginnen.
Dorus Rijkers werd opgericht op 16 maart 1956 en dus bestaan we dit jaar
(2006) 50 jaar. De eerste wedstrijden in competitieverband werden gespeeld in
diverse gymlokaaltjes in o.a. de Fazantenstraat, het Heiligharn, de Elzenstraat
en Klaas Duitstraat. Al snel werd het aantal leden zo groot, dat de vereniging
bijna uit haar voegen barste. Er werd een grotere speelhal gezocht en gevonden:
Het Johannes College (kortweg het Joco) tegenwoordig het Etty Hillesum College.
In haar hoogtijdagen waren er 16 teams actief in competitieverband en 4 teams
in de nacompetitie, er was zelfs een tijdje sprake van een ledenstop. Het
maximum aantal leden was bepaald op 160.
Heden ten dage wordt er geen competitie meer gespeeld en is de vereniging
puur recreatief, met 2 maal per jaar een intern mixed-dubbel toernooi (dit om de
samenhorigheid te vergroten).
Het aantal leden schommelt zo om de 100, waarvan zo'n 10 jeugdleden.
Er wordt gespeeld op woensdagavond, jeugd vanaf 18.30 uur tot 19.40 uur en de
senioren van 19.40 uur tot 22.30 uur en voor de beginnende jeugd is er (geheel
vrijblijvend) begeleiding.
Historie van het
badminton
Algemeen wordt aangenomen dat India de bakermat is van het badminton omdat
daar het spel POONA werd beoefend. Waarschijnlijk genoemd naar de stad Poona,
die ongeveer 50 km van Bombay ligt. Engelse officieren introduceerden het spel,
waarmee zij in India kennis maakten, in Engeland en omstreeks 1873 werd het spel
intensief beoefend op het landgoed van de Hertog van Beaufort in
Gloucestershire. De naam van dat landgoed was BADMINTON en aangenomen mag worden
dat de naam van het landgoed is overgegaan op het spel. Uit oude schilderijen
staat vast dat men het spel toch ook in Europa al kende en vermoedelijk werd het
onder verschillende namen beoefend.
Ken Davidson, een bekende Amerikaanse badmintonautoriteit, die zich in de
geschiedenis van het badminton heeft verdiept, kwam tot de ontdekking dat het
spel reeds in de 12e eeuw in Engeland werd gespeeld. Ook in Frankrijk kende men
het spel 'Jeu de longue plume' al in de middeleeuwen. Er bestaat een schilderij
uit de 17e eeuw van Adam Menyoki waaruit blijkt dat het spel met een kleine
racket en een soort shuttle werd gespeeld. Die shuttle stond vroeger bekend als
pluimbal. Een goed Nederlands woord voor badminton zou dus 'pluimbal' zijn.
Bron:
www.badminton.nl
"Opa Dorus"
Bijna iedereen heeft wel eens van hem gehoord, maar wie is nou precies de man
waar naar onze badmintonvereniging is vernoemd?
Dorus Rijkers (1847-1928) had verschillende baantjes gehad voordat hij
schipper werd van de roeireddingboot in Den Helder. Zijn eerste redding
verrichtte hij met zijn eigen boot (1872) waarmee hij 25 mensen van het schip
"Australia" redde. In die tijd werd de roeireddingboot met een stoomsleepboot
buitengaats gebracht, waarna er verder geroeid werd. En dat in de meest
moeilijke situaties, een schip vergaat meestal niet bij mooi weer.
Dorus, eigenlijk Theodorus, kwam na een goed verlopen reis op haringvangst in
een vrolijke bui uit het café. Op de hoek van de straat zag hij een weduwe voor
haar winkeltje staan. Zij had zes kinderen waarvan ze de jongste van acht
maanden op haar arm droeg. Dorus maakte een praatje met haar en gaf het kind een
cent voor zijn spaarpot en zei: " 't zou ij niks verwonderen als ik je vader nog
eens werd!" "Ga nou deur" zei de weduwe, maar Dorus wist wat hij wilde. "As 'k
de sjouw krijg, kom 'k eens bij je" zei Dorus. De sjouw is de verzekeringspremie
die uitgekeerd werd als een schip dat aan de grond zat geholpen werd. Maar het
kon vaak jaren duren voordat die uitgekeerd werd. Maar Dorus had geluk Een week
later kreeg hij zijn sjouw, acht en dertig guldens. Met een half flessie pons en
een pond allerhande ging hij direct op aanzoek. En werd op zijn drieëntwintigste
de tweede vader van zes kinderen, waarvan de oudste zoon al 18 jaar was. Een
paar jaar later werd hij Opa. Toen noemde heel Den Helder hem "Opa" en dat is
altijd zo gebleven. In totaal redden Dorus en zijn bemanningenmeer dan 500
mensen van de verdrinkingsdood. Daarvoor kregen ze vele medailles en andere
huldeblijken.
Na zijn pensioen (1911) bleek dat hij en andere oud-redders eigenlijk
verkommerden en zeer armoedig moesten leven. Een van zijn gouden medailles moest
hij zelfs verkopen om een fiets te kunnen kopen. En tot ver in zijn zeventigste
levensjaren had hij allerhande baantjes om te overleven. Daarom werd in 1923 het
"Helden der Zee-fonds Dorus Rijkers" opgericht. Dat zamelde geld in voor een
kleine wekelijkse uitkering voor oud-redders en hun nabestaanden. Die hadden
tenslotte hun eigen leven in gevaar gebracht om anderen te redden. Voor dit
fonds zijn indertijd vele acties gevoerd door geheel Nederland. Zijn gezicht
kwam in allerlei kranten en op tabak- en zeepprodukten. Daarom kennen velen nog
steeds de naam: Dorus Rijkers. Bij een onderzoek dat een Haagse bioscoop onder
zijn bezoekers hield, bleek dat Dorus Rijkers zelfs de meest populaire man van
het land was! Niet helemaal vreemd, want Henri ter Hall, de bekende revueartiest,
uit Rijswijk (jawel) was voorzitter van het Dorus Rijkers-fonds geworden.
Bron:
www.dorusrijkers.nl